Home | Registreren | Help | Zoeken | Inloggen 
Het is nu 13 dec 2017 20:44
Toon actieve onderwerpen

Alle tijden zijn GMT + 1 uur [ Zomertijd ]




Plaats een nieuw onderwerp Dit onderwerp is gesloten, je kunt geen berichten wijzigen of nieuwe antwoorden plaatsen  [ 4 berichten ] 
Auteur Bericht
 Berichttitel: Onderzoek naar bijnierproblemen / implantaten voor fretten
BerichtGeplaatst: 24 nov 2004 21:02 
Offline
Avatar gebruiker

Geregistreerd: 25 maart 2002 02:00
Berichten: 124
To castrate or not to castrate, that is the question?
Nico Schoemaker, dierenarts
Afdeling Vogels en Bijzondere Dieren
Universiteit Utrecht


Zoals ik in mijn artikeltje over bijniertumoren bij fretten aangegeven heb, bestaan er sterke aanwijzingen dat castratie een belangrijke rol speelt in het ontstaan van deze tumoren. Het lijkt dan voor de hand te liggen om te zeggen dat fretten niet gecastreerd mogen worden. De meeste eigenaren van fretten weten echter dat dit heel gevaarlijk is voor de vrouwelijke fretten. Hoe zit dit ook al weer? Vrouwelijke fretten hebben een seizoensgebonden cyclus. De eerste loopsheid wordt in het voorjaar gezien, en als ze niet gedekt worden, dan duurt deze tot ongeveer september. Naast dat de loopsheid best lastig voor het fretje is, is ook het voortplantingshormoon oestradiol verhoogd tijdens deze periode. Eén van de bijwerkingen van oestradiol is dat dit hormoon ervoor zorgt dat de bloedcellen niet meer aangemaakt worden door het beenmerg (beenmergdepressie), met als gevolg een bloedarmoede, maar ook stollingsproblemen en een verminderde weerstand. Vele fretten overlijden aan de gevolgen hiervan. We zullen daarom dus in ieder geval voor loopsheidpreventie moeten zorgen.
In Engeland wordt al heel lang gebruik gemaakt van het hormoon proligeston (prikpil) ter voorkoming van loopsheid bij fretten. Dit hormoon is in Engeland zelfs geregistreerd voor dit doel. Het zou dus goed mogelijk zijn dat dit een geschikt alternatief voor castratie zou zijn. Om hier zekerheid over te krijgen is echter onderzoek hiernaar nodig, en daar heb ik uw hulp weer voor nodig. Ik zal in dit stukje proberen uit te leggen wat de bedoeling is.
Met het onderzoek moet een aantal vragen beantwoord gaan worden, namelijk:

1. Komen bijniertumoren minder vaak voor bij fretten die behandeld zijn met proligeston, in vergelijking met fretten die gecastreerd zijn?
2. Worden er bijwerkingen gezien bij fretten na het gebruik van proligeston?

Eerst de voor- en nadelen van de 2 methoden. Allereerst de castratie; hiervan is bekend dat dit een zeer effectieve methode is ter preventie van loopsheid bij fretten. Het is in eerste instantie duurder dan het gebruik van een prikpil, maar hoeft niet herhaald te worden. Je loopt ook niet het risico dat tijdens het voortplantingsseizoen je fretje opeens toch weer loops wordt. Als belangrijkste nadeel kan de verhoogde kans op het optreden van bijniertumoren genoemd worden. We zijn er echter niet zeker van dat dit ook niet optreedt bij andere methoden van loopsheidpreventie. Dan de prikpil; hiervan is bekend dat het veel gebruikt is in Engeland en de meeste mensen er erg tevreden over zijn. Het is relatief goedkoop, maar moet wel jaarlijks (in februari/maart) herhaald worden. Bij een deel van de fretjes treedt er zelfs nog een loopsheid op, ondanks het gebruik van de proligeston. Een tweede injectie is dan voldoende om de loopsheid verder te onderdrukken. Ondanks dat er geen gedocumenteerde bijwerkingen zijn bij het gebruik van proligeston bij fretten, worden deze wel gezien bij de hond en kat. Bijwerkingen die bij deze diersoorten gezien worden zijn onder andere een verhoogde kans op melkkliertumoren, baarmoederontsteking en het optreden van suikerziekte. Over het optreden van bijniertumoren na het gebruik van proligeston is niets bekend, al lijken bijniertumoren minder voor te komen in Engeland.
U ziet, beide methoden hebben zo hun voor- en nadelen. Helaas kan ik aan het begin van het onderzoek dan ook niet zeggen welke methode te prefereren is. Dat is dan ook precies wat we willen onderzoeken.
Om dit goed te onderzoeken, hebben we de gegevens nodig van heel veel fretjes en kunnen we niet terugkijken, maar moeten van voren af aan beginnen. Dit zou kunnen vanaf begin 2004 als de in 2003 geboren fretjes weer naar de dierenarts gebracht gaan worden voor castratie. U beslist uiteindelijk voor welke methode (castratie of proligeston injectie) u kiest, en laat deze uitvoeren bij uw eigen dierenarts. Het enige wat ik graag van u zou willen ontvangen zijn de gegevens van uw fret (uw naam, adres, telefoonnummer, e-mail adres, naam fret, geboortedatum, keuze voor loopsheidpreventie, datum waarop deze plaatsvond). U begrijpt, het gaat hier alleen om vrouwelijke fretjes. Wat ik daarna graag zou willen is deze fretjes gedurende de komende 5 – 8 jaar vervolgen zodat aan het eind van deze studie een betrouwbaar advies gegeven kan worden, welke methode te prefereren is. U hoeft hiervoor niet langs te komen. Wel zal ik u jaarlijks proberen te benaderen om naar de ziektegeschiedenis van uw fret van het voorafgaande jaar te vragen. Het zou dus heel plezierig zijn als u deze goed bijhoudt. Zaken waarnaar ik dan zal vragen zijn bijvoorbeeld of u naar uw dierenarts geweest bent en waarvoor, of uw fret toch nog loops geweest is, of er kaalheid gezien is en waar, maar ook algemene vragen over eetlust en de urineproductie.

U begrijpt, zo'n onderzoek is alleen mogelijk bij deelname van zoveel mogelijk eigenaren. Hoe meer mensen (fretten) meewerken, hoe eerder ik kan rapporteren over de resultaten.

_________________
Neem eens een kijkje op onze facebook pagina!!


Omhoog
 Profiel  
 
 Berichttitel: Bijniertumoren bij fretten, resultaten van 6 jaar onderzoek
BerichtGeplaatst: 20 jan 2005 18:55 
Offline
Avatar gebruiker

Geregistreerd: 25 maart 2002 02:00
Berichten: 124
Bijniertumoren bij fretten, resultaten van 6 jaar onderzoek
Nico Schoemaker, dierenarts
Afdeling Vogels en Bijzondere Dieren
Universiteit Utrecht


Zoals vele van jullie weten, komen bijniertumoren zeer frequent voor bij fretten. Om meer over de oorzaak van het ontstaan van deze tumoren te weten te komen is zes jaar geleden bij de afdeling Vogels en Bijzondere Dieren van de Universiteitskliniek voor Gezelschapsdieren in Utrecht een onderzoek hiernaar gestart. Dit onderzoek heeft uiteindelijk geresulteerd in de totstandkoming van 8 wetenschappelijke artikelen die wereldwijd gepubliceerd zijn / worden. Tevens vormen deze artikelen de basis voor mijn proefschrift waarvan ik de inhoud op 27 november 2003 zal verdedigen. Aan dit onderzoek hebben vele van jullie bijgedragen. Allereerst door het retourneren van het enqueteformulier dat 6 jaar geleden via Stichting de Fret verstuurd is. De gegevens uit deze enquete (die indertijd door jullie huidige vice-voorzitter werden uitgewerkt) vormden de basis voor het eerste wetenschappelijke artikel. Uit deze enquete kwam naar voren dat bijniertumoren inderdaad erg frequent voorkwamen bij fretten en dat er een relatie was tussen het tijdstip waarop de fretten gecastreerd waren en het tijdstip waarop de eerste verschijnselen van bijniertumoren zichtbaar werden. Deze resultaten hebben tot de volgende vraagstelling geleidt; heeft de castratie een invloed op het ontstaan van de bijniertumoren. Hierbij moet ik gelijk een misverstand uit de weg ruimen, het is namelijk zo dat ook vrouwelijke fretten gecastreerd worden. Helaas is het gebruikelijk geworden om in de volksmond te spreken van sterilisatie, deze ingreep zou echter wel leiden tot onvruchtbaarheid, maar de loopsheid zou hierdoor niet aangepakt worden.

Om te onderzoeken of castratie inderdaad een rol speelt bij het ontstaan van bijniertumoren werd eerst besloten om meer te weten te komen over de bijniertumoren in het algemeen. Veel dierenartsen hebben namelijk de neiging om deze aandoening bij fretten het syndroom van Cushing te noemen. Is dit echter wel correct? Het syndroom van Cushing is een aandoening waarbij er een verhoogde productie van het bijnierschorshormoon cortisol optreed. Deze aandoening komt voor bij de hond, kat en ook bij mensen. In het merendeel van de gevallen is de oorzaak te vinden in een tumor van de hypofyse (hersenaanhangsel). Is dit bij de fret ook het geval? Om te onderzoeken of dit ook bij fretten het geval was, zijn bij de fretten die aangeboden werden aan onze universiteitskliniek, diverse hormonen gemeten. Vele van de eigenaren waren ook zo aardig om een gezonde fret mee te nemen, zodat wij ook in staat waren om deze hormonen te meten bij gezonde fretten. Uit dit onderzoek kwam naar voren dat de hormonen die gebruikelijk verhoogd of verlaagd zijn bij mensen en honden met het syndroom van Cushing, bij fretten onveranderd bleven. Dit was de eerste aanwijzing dat we bij fretten met een andere aandoening te maken hadden. Daarnaast zijn bij een aantal fretten met een bijniertumor die kwamen te overlijden de hypofysen bekeken onder de microscoop. Hierbij zijn geen tumoren gevonden die verantwoordelijk geacht kunnen worden voor het ontstaan van de klachten van een fret met een bijniertumor. Ook hiermee werd dus duidelijk dat we te maken hadden met een andere achtergrond voor het ontstaan van bijniertumoren bij fretten.

Zoals ik al eerder vermelde lijkt er een relatie te bestaan tussen het castreren en het optreden van bijniertumoren. Hoe zou dit mogelijk zijn? Om dat uit te leggen, moet eerst wat (taaie) theorie uitgelegd worden over de hormonen die een rol spelen bij de voortplanting. Een schematisch overzicht hiervan en de gevolgen na castratie zijn weergegeven in afbeelding 1. Zoals we allemaal weten hebben fretten een seizoensgebonden voortplanting. Dit wordt voor een groot deel beïnvloed door het licht. De epifyse (pineal gland) scheidt het hormoon melatonine af, wat een remmend effect heeft om het voortplantingsseizoen. Als fretten in meer dan 12 uur licht gehouden worden, is er onvoldoende melatonine om de voortplantingshormonen te onderdrukken, en begint het voortplantingsseizoen. In de hersenen (hypothalamus) wordt GnRH in pulsjes afgegeven wat een stimulerend effect heeft op de afgifte van LH en FSH door het hersenaanhangsel (hypofyse / pituitary). Op hun beurt stimuleren deze 2 hormonen de geslachtsklieren (gonads) tot het produceren van oestradiol en testosteron (afhankelijk van het geslacht van het fret). Om te voorkomen dat er een overmaat aan deze hormonen geproduceerd wordt, hebben deze hormonen een remmend effect op de afgifte van GnRH, LH en FSH. Wat gebeurt er nu als we een fret castreren (neutered)? Het remmende effect van de geslachtshormonen valt weg, waardoor GnRH, LH en FSH in een verhoogde mate worden afgegeven. Als castratie een rol zou spelen bij het ontstaan van bijniertumoren, dan moeten de bijnieren (adrenal) dus gevoelig zijn voor (een van) deze hormonen.

Om aan te tonen dat de bijnieren van fretten inderdaad gevoelig zijn voor GnRH, FSH en/of LH, zijn diverse onderzoeken uitgevoerd. Allereerst zijn in de operatief verwijderde bijniertumoren van fretten receptoren voor LH aangetoond. Dit lijkt dus het bewijs te zijn voor de hierboven genoemde veronderstelling. Het was echter niet duidelijk of de receptoren ook daadwerkelijk werkte. Daarom werd bij een aantal fretten een stimulatietest uitgevoerd. Deze stimulatietesten mocht ik weer uitvoeren bij patienten die aan de universiteitskliniek werden aangeboden. Allereerst werd bloed afgenomen bij de fretten waarna GnRH ingespoten werd. Na enige tijd werd weer bloed afgenomen om te kijken of de hormonen die door de bijniertumor geproduceerd worden stegen door de toediening van GnRH. Dit bleek inderdaad het geval te zijn. Als laatste hebben we ook nog gekeken of de hormoonproductie door bijniercellen in een reageerbuis ook te stimuleren was door de diverse hormonen. Uit al deze onderzoeken is naar voren gekomen dat voornamelijk LH een rol speelt bij de stimulatie van de hormoonproductie door bijniertumoren. Hiermee is het dus wel erg aannemelijk gemaakt dat castratie een rol speelt bij het ontstaan van bijniertumoren van fretten.

Met dit gegeven in ons achterhoofd zitten we met 2 problemen. Allereerst willen we weten wat de beste manier is om een fret met een bijniertumor te behandelen. Hieronder zal ik de verschillende mogelijkheden bespreken. Daarnaast zitten we met het dilemma; als bijniertumoren bij fretten ontstaan door het castreren, moeten we ze dan nog wel castreren? In een apart artikeltje zal ik hier verder op ingaan en zal ik u verzoeken om ons te helpen hier een oplossing voor te vinden.

De behandeling van bijniertumoren.
Diegene onder u die al langer fretten hebben, weten dat veel bijniertumoren operatief verwijderd worden. Dit is op zich een goede therapie, maar vele van u hebben ook gemerkt dat de klachten op latere leeftijd weer terug kunnen komen omdat de andere bijnier dan aangetast is. Dit komt uiteraard omdat de oorzaak van het ontstaan van de tumor niet weg wordt genomen. De hypofyse blijft tenslotte LH in een verhoogde mate afgeven. Vele van u hebben ook al vast gehoord van de “nieuwe” behandeling met “Lupron”. Wat houdt deze therapie nu precies in? Allereerst moet ik vertellen dat “Lupron” in Nederland eigenlijk “Lucrin” heet. Het werkzame bestanddeel van beide preparaten is echter gelijk, namelijk leuproreline acetaat. Dit medicijn is ontwikkeld om de hormoonproductie van de hypofyse te remmen bij mannen met prostaat kanker. Wat is dit middel nu werkelijk, en hoe werkt het? Dit middel is een langwerkend GnRH preparaat. Dit klinkt natuurlijk erg gek, als ik net verteld heb dat juist een verhoogde afgifte van GnRH (indirect) leidt tot het ontstaan van de bijniertumoren. Wat ik hierboven ook vermeld heb is dat GnRH normaalgesproken in pulsjes afgegeven wordt. Hier zit nu precies het verschil. De afgifte van LH kan alleen maar plaatsvinden als GnRH in pulsjes afgegeven wordt. Door nu te zorgen voor een continue hoge concentratie van dit hormoon, is de hypofyse ongevoelig geworden voor GnRH en stopt de afgifte van LH en daardoor worden de bijnieren niet meer gestimuleerd door LH. Hierdoor stopt de bijnier met het produceren van hormonen, zodat de klachten bij uw fret verdwijnen. De tumor wordt op zich niet kleiner, maar ontwikkeld zich ook niet meer verder. Het enige nadeel van deze therapie is dat regelmatig opnieuw injecties met dit hormoon (relatief dure hormoon) gegeven moeten worden. Er is alleen wetenschappelijk onderzoek gedaan naar het preparaat dat ongeveer 1 maand werkt. Er bestaan echter langer werkende preparaten die door sommige dierenartsen gebruikt worden.

_________________
Neem eens een kijkje op onze facebook pagina!!


Omhoog
 Profiel  
 
 Berichttitel: Onderzoek naar mogelijke preventie van bijniertumoren
BerichtGeplaatst: 24 maart 2005 18:25 
Offline
Avatar gebruiker

Geregistreerd: 25 maart 2002 02:00
Berichten: 124
Bijdrage Stichting “de Fret” voor onderzoek naar mogelijke preventie van bijniertumoren bij fretten
Nico Schoemaker, dierenarts, Afdeling Vogels en Bijzondere Dieren, Universiteit Utrecht

Zoals vele van jullie weten is tijdens het afgelopen frettensymposium op 20 november een veiling gehouden. De opbrengst van deze veiling zou ten goede komen aan onderzoek dat ten bate komt voor onze fretten. Vele van jullie zijn tevens op de hoogte van het onderzoek dat dr. Nico Schoemaker vanaf 1997 aan de universiteit van Utrecht doet naar de diagnostiek en behandeling van bijniertumoren bij onze fretten. Het bestuur van Stichting “de Fret” heeft onlangs besloten dat zij het onderzoek van dr. Schoemaker zo belangrijk vinden dat een groot deel van de opbrengst van de veiling ten bate van zijn onderzoek benut mag worden.

Wat wordt momenteel onderzocht in Utrecht?
Nadat Nico Schoemaker zijn proefschrift over bijniertumoren bij fretten verdedigd had in november 2003 heeft hij verder nagedacht over aanvullend onderzoek. Een belangrijke conclusie uit dit proefschrift was dat het zeer waarschijnlijk is dat het ontstaan van bijniertumoren gestimuleerd wordt door castratie. Hiervoor zou dan een alternatief gevonden moeten worden. Voor de vrouwelijke fretten zou hiervoor proligeston gebruikt kunnen worden. Vorig jaar zijn jullie gevraagd om aan dit onderzoek mee te helpen. Een kleine 50 fretten zijn voor de onderzoek aangemeld, maar dat zijn er nog veel te weinig. Ook voor het komende jaar zou Nico het dus zeer waarderen als fretten aangemeld worden voor dit onderzoek. Even als opfrisser: De eigenaar bepaalt of het vrouwelijke fretje chirurgisch wordt gecastreerd of dat een injectie proligeston wordt gehaald bij de dierenarts. De gegevens van het fretje en de eigenaar worden dan doorgegeven aan Nico Schoemaker die dan jaarlijks contact opneemt om te evalueren hoe het met het fretje gaat. Na ongeveer 5 jaar kan dan mogelijk een advies uitgegeven worden over het nut van het gebruik van proligeston.

Hoe zit het dan met de mannelijke fretjes? Dat ligt veel gecompliceerder, maar ook hier is mogelijk een alternatief voor castratie mogelijk. Het alternatief zou een hormoonimplantaat kunnen zijn. Het betreft hier hetzelfde implantaat waar recentelijk over geschreven is als alternatieve behandelingsmethode voor bijniertumoren bij fretten. Tot nu toe zijn deze implantaten als zeer effectief bevonden door de eigenaren van de fretjes die zo’n implantaat ontvangen hebben (Mocht u een fretje hebben met een bijniertumor die nog niet behandeld is, dan kunt u zich nog altijd aanmelden voor dit onderzoek.) Of deze implantaten ook daadwerkelijk werken als vorm van castratie voor mannelijke fretten moet echter eerst onderzocht worden. Dit gaat nu in Utrecht gebeuren en een deel van de kosten wordt nu opgevangen door Stichting “de Fret”. Bij dit onderzoek moet gelet worden op het effect van het implantaat, wat voornamelijk moet bestaan uit afwezigheid van seksueel gedrag de sterke huisgeur. Daarnaast moeten ze tolerant zijn voor andere mannelijke fretjes.

Onderzoek alternatief castratie mannelijke fret
Aan dit onderzoek zullen 3 groepjes mannelijke fretten deelnemen. De fretjes in groep 1 worden chirurgisch gecastreerd. De fretjes in groep 2 krijgen een hormoonimplantaat (GnRH). De fretjes in groep 3 krijgen ook een implantaat, maar hier zit geen hormoon in. Groep 1 dient als referentie voor het gewenste gedrag en geur van de fretjes, terwijl groep 2 dient als referentie van het gedrag en geur van ongecastreerde diertjes. Op deze wijze kan onderzocht worden of de fretjes uit groep 3 meer lijken op de diertjes uit groep 1 of 2. Een aantal studenten gaat helpen bij dit onderzoek. Naast dat er gekeken gaat worden naar hormoonconcentraties in het bloed, zal ook een panel de geur van de fretten moeten beoordelen. Daarnaast zal een gedragsstudie opgezet worden (onder begeleiding van een gedragsdeskundige).

Is dit onderzoek zielig voor de fretjes?
Heel veel mensen hebben nare associaties met onderzoek met dieren. Dit is heel begrijpelijk, maar u kunt zich misschien voorstellen dat voor dit onderzoek zeer strenge eisen zijn. U kan gegarandeerd worden dat het onderzoek naar een alternatief voor castratie bij mannelijke fretten niet meer belastend voor de fretjes is als het onderzoek van een fret die onderzocht moet worden of hij/zij een bijniertumor heeft. Ook zullen de fretjes na afloop van het onderzoek niet gedood worden.

Uiteraard zal Stichting “de Fret” op de hoogte gehouden worden over de vorderingen van dit onderzoek (en de andere onderzoeken) die aan de universiteit van Utrecht uitgevoerd worden. Langs deze weg wil Nico Schoemaker alle deelnemers aan de veiling en uiteraard het bestuur van Stichting “de Fret” heel hartelijk danken voor de ondersteuning van het onderzoek dat hij (samen met studenten) uitvoert naar de diagnostiek, behandeling en preventie van bijniertumoren bij fretten.

_________________
Neem eens een kijkje op onze facebook pagina!!


Laatst bijgewerkt door Nanja op 24 maart 2005 18:36, in totaal 2 keer bewerkt.

Omhoog
 Profiel  
 
 Berichttitel: Castratieonderzoek
BerichtGeplaatst: 20 nov 2005 22:02 
Offline
Avatar gebruiker

Geregistreerd: 25 maart 2002 02:00
Berichten: 124
Alternatief voor castratie en sterilisatie
Nico Schoemaker
Universiteitskliniek voor Gezelschapsdieren, Universiteit Utrecht


De Universiteitskliniek in Utrecht is al enige tijd bezig met onderzoek naar bijniertumoren bij fretten en de mogelijkheid om deze te voorkomen. Uit eerder onderzoek is naar voren gekomen dat castratie of sterilisatie waarschijnlijk een rol spelen bij het ontstaan van bijniertumoren. Daarom is Nico Schoemaker op de Universiteitskliniek de afgelopen 2 jaar bezig geweest om naar alternatieven voor castratie/sterilisatie te zoeken.

Op de Universiteitskliniek zijn ongecastreerde mannetjes behandeld met het GnRH hormoon implantaat . Dit implantaat onderdrukt de afgifte van geslachtshormonen. Het blijkt dat deze implantaten heel goed voldoen. De geur van fretten met een implantaat bleek bijvoorbeeld zelfs minder dan die van gecastreerde fretten. Bij een gedragsstudie kwam naar voren dat ook het gedrag van de fretjes met het implantaat het meest gezeglijk was. Vanwege deze gunstige resultaten wordt daarom dit onderzoek voortgezet bij particulier gehouden fretjes.

Nico Schoemaker heeft voor dit onderzoek een aantal implantaten beschikbaar welke zowel op de Universiteitskliniek als op de Frettenkliniek kunnen worden ingezet. Het gebruikte implantaat is in Australië geregistreerd om te gebruiken bij mannelijke honden als alternatief voor chirurgische castratie. Bij alle onderzoeken met dit middel zijn tot op heden nooit bijwerkingen opgetreden.
De werkingsduur van de implantaten is nog niet geheel duidelijk maar verwacht wordt dat ze minstens 1 jaar werkzaam zijn.

Mannelijke fretten
Bij ongecastreerde mannelijke fretten die in 2005 geboren zijn kunnen op eenvoudige wijze de implantaten vanaf december worden ingebracht.
Vervolgens wordt in juni/juli 2006 een afspraak gemaakt op de Frettenkliniek of bij Nico Schoemaker (Universiteitskliniek) om bloed af te nemen voor de bepaling van testosteron in het bloed. Dan zal tevens de omvang van de testikels opgenomen worden.
Van u wordt gevraagd om na de implantatie de geur, de omvang van de testikels en het gedrag van de fret naar u of andere fretten te bekijken.

Vrouwelijke fretten
Ook bij vrouwelijke fretten willen wij de werking van het implantaat gaan bekijken. Het is echter mogelijk dat vrouwtjes na inbrengen van het implantaat gedurende 1 week loops worden en daarna een periode schijnzwanger met mogelijk afwijkend gedrag gaan vertonen. Indien dit door u als onplezierig wordt ervaren kan deze korte loopsheid worden onderdrukt met behulp van een medicijn dat u wordt toegestuurd.
Voor dit onderzoek hoeft geen bloed afgenomen te worden.
Het is belangrijk dat u de vulva van uw fretje in de gaten houdt. Mocht de omvang hiervan toenemen dan vragen wij u direct contact op te nemen met Hanneke Moorman of Nico Schoemaker.

OPROEP VOOR ONDERZOEK
Alternatief voor castratie

In de nieuwsbrief van december 2005 van Stichting de Fret zult u een artikeltje aantreffen over de vorderingen die gemaakt zijn met het onderzoek naar alternatieven voor castratie bij fretten. Deze alternatieven hebben als doel de frequentie van het optreden van bijniertumoren bij fretten te verminderen.

In dit artikeltje wordt gerapporteerd over het gebruik van een hormoonimplantaat bij mannelijke fretten. De belangrijkste conclusie van dit onderzoek is dat het implantaat nog beter lijkt te werken ter voorkoming van de typische geur van intacte mannelijke fretten en dat ook het gedrag in positieve zin beïnvloed wordt.

Op basis van dit onderzoek willen wij de implantaten nu ook gaan gebruiken bij particulier gehouden fretjes, om te onderzoeken of deze bevindingen ook in huiselijke omstandigheden worden gevonden. De implantaten zullen zowel in Utrecht als in Helmond geplaatst gaan worden. Bij dit onderzoek zullen ook vrouwelijke fretjes betrokken gaan worden. Over het onderzoek bij de vrouwelijke fretjes leest u meer in de nieuwsbrief.
Voor alle duidelijkheid willen wij vermelden dat het gebruikte implantaat in het land van oorkomst geregistreerd is om te gebruiken bij mannelijke honden als alternatief voor chirurgische castratie. Bij alle onderzoeken die met dit middel gedaan zijn (bij vele diersoorten) zijn nog nooit bijwerkingen opgetreden.

Onderzoek bij mannelijke fretten
Voor het onderzoek komen in aanmerking: mannelijke fretjes die in 2005 geboren zijn en nog niet gecastreerd zijn. In juni/juli 2006 (en eventueel 2007) wordt bloed afgenomen voor de bepaling van testosteron. Tevens wordt dan de omvang van de testikels opgenomen. De testikels horen kleine te blijven. Van u willen wij uiteraard ook weten of u tevreden bent over het gebruikte implantaat. Wij verwachten dat het implantaat 1 jaar werkzaam zal zijn.

DAG VAN HET IMPLANTAAT
Om de kosten van het onderzoek te drukken en efficiënt te kunnen werken is besloten om op zaterdagochtend 17 december 2005 eigenaren van mannelijke fretten in de gelegenheid te stellen om naar Utrecht te komen voor het laten plaatsen van een implantaat. Na deze dag kunnen de implantaten zowel in Utrecht bij Nico Schoemaker als in Helmond bij Hanneke Moorman geplaatst worden. De kosten voor het plaatsen van het implantaat op 17 december zal € 50 bedragen. Tijdens een reguliere afspraak zullen de kosten € 69 bedragen. De kosten van de bloedafname en testosteron bepaling dat in juni 2006 plaatsvindt, komen voor rekening van het onderzoek.

_________________
Neem eens een kijkje op onze facebook pagina!!


Omhoog
 Profiel  
 
Geef de vorige berichten weer:  Sorteer op  
Plaats een nieuw onderwerp Dit onderwerp is gesloten, je kunt geen berichten wijzigen of nieuwe antwoorden plaatsen  [ 4 berichten ] 

Alle tijden zijn GMT + 1 uur [ Zomertijd ]


Wie is er online

Gebruikers op dit forum: Geen geregistreerde gebruikers. en 1 gast


Je mag geen nieuwe onderwerpen in dit forum plaatsen
Je mag niet antwoorden op een onderwerp in dit forum
Je mag je berichten in dit forum niet wijzigen
Je mag je berichten niet uit dit forum verwijderen

Zoek naar:
Ga naar:  
Powered by phpBB © 2000, 2002, 2005, 2007 phpBB Group
phpBB.nl Vertaling